Vaste leden
De vaste leden zijn de leden die over de ruimste rechten beschikken binnen
de vzw, waaronder stemrecht. De wet verleent hen rechten en plichten.Vaste leden zijn de mensen van de AV en de stichters.
Toegetreden leden: dus spelers,steunende leden,in feite de mensen die genieten van het voordeel lid te zijn van de vzw.
Ingeval de vzw toegetreden leden heeft, moeten hun rechten en plichten worden
omschreven in de statuten en niet in een huishoudelijk reglement. De in de wet
bepaalde rechten en plichten zijn op hen niet van toepassing, behalve indien de
statuten daarin voorzien.
De vereiste om de rechten en plichten van toegetreden leden in de statuten te
omschrijven, strekt ertoe de toekomstige toegetreden leden de mogelijkheid te
bieden beter in te schatten wat van hen wordt verwacht indien zij zich engageren,
aangezien de statuten worden bekendgemaakt in de bijlagen bij het Belgisch
Staatsblad. Het huishoudelijk reglement dient niet te worden gepubliceerd.
Deze precisering is belangrijk aangezien de wet bepaalde voorrechten enkel
aan de vaste leden toekent, bijvoorbeeld de toegang tot de boekhoudkundige
stukken(4).Toch wordt dit gepubliceerd,uit eerbied voor elk lid,en omdat bepaalde procedures
hierin beschreven zijn. Ook omdat de Deontologische code erin verwerkt zit,en de wedstrijdreglementen.
Lidmaatschap, uitsluiting en ontslag van een lid
De hoedanigheid van lid wordt toegekend aan iemand die aan de in de statuten
gestelde voorwaarden voldoet.
De uitsluiting van een lid kan enkel worden uitgesproken door de algemene
vergadering met een twee derde meerderheid van de stemmen van de aanwezige
of vertegenwoordigde leden.
Het ontslag(5) van een lid gericht aan de raad van bestuur kan nooit worden
geweigerd . Daarentegen kan wel worden geëist dat bepaalde formaliteiten
in acht worden genomen. Het is duidelijk dat deze formaliteiten ter zake niet
zo zwaar mogen zijn dat zij echte hindernissen zouden vormen voor een
ontslag (bijvoorbeeld: een opzegging van twee jaar).
(4) Art. 10, al. 2, wet van 27 juni 1921.
(5) Art. 12 wet van 27 juni 1921.
Een lid die zijn lidgeld niet betaald wordt geacht ontslag te nemen.
Deze achtergrondinformatie moet eigenlijk gelezen worden,vooraleer men terdege het verschil begrijpt tussen statuten en huishoudelijk reglement.Alhoewel niet verplicht om het huishoudelijk reglement te publiceren,doet elke zichzelf respecterende vereniging dit toch.Elkeen: lid of toegetreden lid heeft recht op info en transparant beleid.
Bevat alle bepalingen en verordeningen, opgesteld in navolging van de statuten van de Vrije Vlaamse Darts Federatie v.z.w., die nodig zijn voor de goede werking en het beheer van de vereniging.
A.1.A.2 De Vrije Vlaamse Dartsfederatie, al haar instanties en al haar leden zijn steeds gebonden door gelijk welke reglementen die door de B.D.F. (World Darts Federation) worden uitgevaardigd.
A.1.A.3 Dit Reglement van Inwendige Orde, samen met de statuten van de V.V.D.F. VZW, alsook alle bepalingen die uit de toepassing ervan voortvloeien op internationaal, nationaal, provinciaal of gewestelijk vlak, zijn zonder meer bindend voor alle betrokkenen.
A.1.A.4 Al wat niet specifiek in gelijk welke teksten is voorzien, valt onder de rechtstreekse bevoegdheid van de Algemene Vergadering.
A.1.A.5 Een Frans- of Duitstalig lid, dat zetelt in gelijk welk bestuursorgaan of gelijk welke commissie van de V.V.D.F. VZW mag, indien hij dat wenst, de vergadering in zijn eigen taal te woord staan, maar zonder te kunnen eisen dat hij zelf in die taal zal worden toegesproken.
A.1A.5 De VVDF vzw erkend de NBDF vzw als overkoepelend orgaan.
De NBDB vzw geeft volgende bevoegdheid aan de VVDF vzw :
Vrije Vlaamse Darts Federatie vzw is aangesloten bij Nationale Belgische Darts Federatie vzw,door middel van een lidmaatschap, en vertegenwoordigt de Vlaamse Vleugel.
De Nationale Belgische Darts Federatie vzw geeft de Vrije Vlaamse Darts Federatie vzw volledige autonomie in Vlaanderen, voor alles wat darts betreft.
De Nationale Belgische Darts Federatie vzw verzorgt de internationale contacten met de WDF (World Darts Federation). De Nationale Belgische Darts Federatie vzw is eveneens verantwoordelijk voor een goede internationale doorstroming van de speelsters/spelers aangesloten bij de Vrije Vlaamse Darts Federatie vzw, en voor deelneming aan alle WK’s,EK’s,en eventueel de OS, volgens de voorwaarden bepaald door de WDF.
Alle wedstrijden van de nationale ploeg worden door Nationale Belgische Darts Federatie vzw geregeld. Volgens een door Nationale Belgische Darts Federatie vzw bepaalde ranking treden speelsters/spelers toe tot de nationale ploeg. De onkosten van de speelsters/spelers aangesloten bij de Vrije Vlaamse Darts Federatie vzw worden door de Vrije Vlaamse Darts Federatie vzw gedragen.
De Nationale Belgische Darts Federatie vzw zorgt ook voor nakoming van alle internationale verplichtingen.
A.2.A.1 Niemand kan binnen de V.V.D.F. VZW gelijk welke functie uitoefenen zonder te voldoen aan de voorwaarden van het lidmaatschap.
A.2.A.2 Voor een aanvraag tot lidmaatschap of de jaarlijkse verlenging daarvan dient een daartoe door de V.V.D.F. VZW verstrekt en/of goedgekeurd formulier te worden ingevuld.
A.2.A.3 De aanvraag tot lidmaatschap of de jaarlijkse verlenging daarvan kan worden aangevraagd via een bij de V.V.D.F. VZW aangesloten of aansluitende club, volgens de daartoe bepaalde procedure.Die wijze van aansluiten worden ook via de website en ,of het dartsmagazine bekendgemaakt.
A.2.A.4 De aanvraag tot lidmaatschap of de jaarlijkse verlenging daarvan is slechts geldig wanneer de in dit reglement voorziene bepalingen of gelijk welke bijkomende instructies uitgaande van de Raad van Bestuur zijn vervuld en het lidgeld aan de V.V.D.F. VZW werd betaald.
A.2.A.5 Bij elke nieuwe aanvraag tot lidmaatschap, alsook wanneer de verantwoordelijke voor de nationale ledenadministratie het bepaalt, dient een recente pasfoto te worden geleverd.
A.2.A.6 Elke nieuwe aanvraag van een persoon die op het ogenblik van zijn aanvraag volgens de op dat ogenblik in België geldende wetten nog niet meerderjarig is, moet vergezeld zijn van de toelating van een ouder of voogd op een bijgevoegd formulier. Nochtans is de aansluiting mogelijk vanaf de minimum leeftijd van 8 jaar.
A.2.A.7 Bij de aanvraag tot verlenging van het lidmaatschap dient de lidkaart of een nieuwe foto te worden gevoegd.
A.2.A.8 Bij de aanvraag tot lidmaatschap of de jaarlijkse verlenging daarvan, wordt door de provinciale verantwoordelijke, een voorlopig lidmaatschapsbewijs afgeleverd, volgens de instructies die hij daartoe ontvangt.
A.2.A.9 Het in A.2.A.8 bedoelde voorlopig inschrijvingsbewijs moet door de gewestelijke verantwoordelijke voor de ledenadministratie van een datum worden voorzien en is vanaf dat ogenblik geldig tot bij ontvangst van de lidkaart, zonder evenwel een periode van negentig dagen te overschrijden.
A.2.A.10 Een persoon die zijn lidkaart niet binnen die termijn van negentig dagen heeft ontvangen, dient dat persoonlijk en schriftelijk,of per mail aan de provinciale verantwoordelijke van de ledenadministratie te melden.
A.2.B.1 Met de duur van het lidmaatschap wordt de periode bedoeld binnen dewelke een persoon lid is van de V.V.D.F. VZW
A.2.B.2 Deze periode loopt van 1 september tot en met 31 augustus van het volgende jaar.
A.2.B.3 Het lidmaatschap dat niet uiterlijk is verlengd op 31 augustus van het jaar dat vermeld staat op de laatst aangebrachte V.V.D.F. VZW-klever, vervalt automatisch.
A.2.B.4 Het lidmaatschap houdt eveneens op door vrijwillig ontslag uit de vereniging.
A.2.B. 5 Het lidmaatschap ,van een spelend lid, houdt eveneens op door uitsluiting, die enkel kan uitgesproken worden door de Raad van Bestuur.
A.2.B.6 Bestuursleden kunnen ontslag aanbieden via e-mail,post of mondeling op een vergadering.Steeds zal hij via e-mail,post aanvaarding van zijn ontslag krijgen.
A.2.C.1 De verlenging van het lidmaatschap kan worden aangevraagd via dezelfde club of door aansluiting bij een andere club .
A.2.C.2 De verlenging door aansluiting bij een andere club houdt in dat het lid slechts vanaf 1 september voor deze club kan aantreden. Het lid zal tot 31 augustus deel blijven uitmaken van zijn vorige club.
A.2.C.3.Buitenlanders kunnen eveneens lid worden van de V.V.D.F. VZW.
A.2.D.1 De ondertekening van de aanvraag tot lidmaatschap of de jaarlijkse verlenging daarvan, houdt de binding in met de club waarbij het formulier wordt ondertekend, tot het einde van de periode waarop de aanvraag slaat.
A.2.D.2 De binding met een club kan, in geval van heirkracht, enkel door de P.A.C. (Provinciale Arbitrage Commissie) worden verbroken, waarbij elk geval afzonderlijk wordt beoordeeld en zonder dat zo’n geval automatisch als een precedent kan worden beschouwd.
A.2.D.4 De binding met een club mag de vrije keuze van een speler om deel te nemen aan gelijk welke individuele wedstrijden binnen de V.V.D.F. VZW op nationaal, provinciaal of gewestelijk vlak, nooit in de weg staan.
A.2.E.1 De lidkaart is persoonlijk en kan nooit aan een andere persoon worden overgedragen.
A.2.E.2 Elke speler moet zijn lidkaart bij zich hebben voor gelijk welke wedstrijd waaraan hij binnen de V.V.D.F. VZW deelneemt.
A.2.E.3 De lidkaart kan op ieder ogenblik door alle bevoegde instanties worden opgevraagd ter controle.
A.2.E.4 Elke wijziging van de op de lidkaart vermelde gegevens moet onmiddellijk via de provinciale ledenadministratie aan de nationale ledenadministratie worden gemeld, waarbij de lidkaart moet worden ingeleverd.
A.2.E.5 Enkel de nationale of provinciale ledenadministratie mag wijzigingen op een lidkaart aanbrengen.
A.2.E.6 Een lidkaart wordt voor elke periode uitsluitend geldig gemaakt met een speciale V.V.D.F. VZW-klever die door de nationale of provinciale ledenadministratie wordt aangebracht.
A.2.E.7 De V.V.D.F. VZW-klever wordt door de ledenadministratie slechts aangebracht wanneer de penningmeester van de V.V.D.F. VZW de betaling van het lidgeld heeft ontvangen en bevestigd.
A.2.E.8 Gelijk welke vervalsing of poging tot vervalsing van de lidkaart en/of de erop vermelde gegevens, foto, stempels of klevers, houdt de onmiddellijke schrapping van de titularis in, tenzij deze kan bewijzen dat hij niet voor de vervalsing of de poging daartoe verantwoordelijk is.
A.2.E.9 In geval van diefstal van de lidkaart, dient de titularis onmiddellijk de secretaris van zijn club te verwittigen en volgens de geldende procedures een nieuwe aanvraag met pasfoto in dienen.Op het aanvraagformulier dient dan wel duidelijk de tekst “kaart verloren” of “kaart gestolen”te worden vermeldt.
A.2.F.1 Het lidgeld is voor elk toegetreden lid gelijk en wordt steeds vooraf vastgesteld door de Algemene Vergadering voor elk seizoen.
A.2.F.2 Het lidgeld omvat aansluiting bij de N.V.V.D.F. en de V.V.D.F en B.D.F. en alle door BLOSO vereiste verzekeringen .
A.2.F.3 Betaalde lidgelden kunnen in geen geval worden teruggevorderd.
A.2.G.1 Een lid van de V.V.D.F. VZW zal geen publieke mondelinge of schriftelijke verklaringen afleggen en/of geen daden stellen die beledigend zijn voor de V.V.D.F. VZW of zijn bestuursleden en/of die de V.V.D.F. VZW,zijn bestuursleden of de dartssport in het algemeen, schade kunnen berokkenen.
A.2.G.2 Een lid van de V.V.D.F. VZW zal zich tijdens wedstrijden of gelijk welke andere activiteit binnen de invloedssfeer van de V.V.D.F. VZW onthouden van alle politieke of religieuze activiteiten of bedoelingen.
A.2.G.3 Een lid van de V.V.D.F. VZW zal zich tijdens wedstrijden of gelijk welke andere activiteit binnen de invloedssfeer van de V.V.D.F. VZW onthouden van gelijk welke uitlatingen, verklaringen of gebaren die wijzen op rassenhaat of misprijzen voor bepaalde medeburgers.
STARTPAGINA
A.3.A Algemene bepalingen
A.3.A.1 Aansluiten bij een club is een wijze van toetreding tot de V.V.D.F. VZW voor een toegetreden lid.
A.3.A.2 Het aantal leden van een club zal minstens vier bedragen.
A.3.A.3 Het aantal leden van een club is onbeperkt.
A.3.A.4 Een club is gevestigd in het lokaal dat zij opgeeft op haar aansluitingsformulier.Alle ploegen van eenzelfde club zijn verplicht in hetzelfde lokaal de kompetitie af te werken.
A.3.A.5 Een club behoort tot de provincie, waar het lokaal is gelegen, waarin zij is gevestigd.
A.3.A.6 Door aan te sluiten, aanvaardt de club de door de V.V.D.F. VZW opgelegde statuten en reglementen.
A.3.B Juridisch statuut
A.3.B.1 De club maakt deel uit van de Vrije Vlaamse Darts Federatie vzw voor zover haar activiteiten zich beperken tot, of niet indruisen tegen, hetgeen haar door de Vrije Vlaamse Darts Federatie vzw wordt toegestaan.
A.3.B.2 Een club kan, in eigen statuten, bijkomende punten voorzien, voor zover die niet indruisen tegen de Belgische wet en gelijk welke V.V.D.F. VZW-reglementen. De bijzondere statuten van een club dienen voorgelegd te worden aan het gewestbestuur en een kopij ervan moet naar het secretariaat van de V.V.D.F. VZW te worden gestuurd.
A.3.B.3 Voor gebeurtenissen die het gevolg zijn van een niet door de V.V.D.F. VZW erkende activiteit, zal de club zich niet kunnen beroepen op de V.V.D.F. VZW
A.3.C Lidmaatschap
A.3.C.1 Een club , dient haar aanvraag tot lidmaatschap of de jaarlijkse verlenging daarvan, te richten aan de ledenadministratie van de provincie.
A.3.C.2 Een club die gelegen is in een provincie zonder Provinciaal Comité, dient haar aanvraag tot lidmaatschap of de verlenging daarvan rechtstreeks aan de ledenadministratie van de V.V.D.F. VZW te zenden.
A.3.C.3 Elke club betaalt aan de V.V.D.F. VZW jaarlijks een lidmaatschapsbedrag, los van het individuele bedrag voor elk lid en van de bijdragen die de provincies mogen vragen voor deelname aan de ploegencompetitie of andere provinciale organisaties.
A.3.C.4 Het lidmaatschapsbedrag voor een club wordt vastgesteld door de Algemene Vergadering.
A.3.C.5 Het lidmaatschap van een club houdt automatisch op wanneer er op 31 augustus van het lopende jaar geen vier leden bij de V.V.D.F. VZW zijn aangesloten.
A.3.D.1 Elke club zal haar leden op de hoogte brengen van gelijk welke reglementen en/of wijzigingen daaraan, uitgaande van gelijk welke V.V.D.F. VZW-instantie.
A.3.D.2 Elke club dient haar leden op de hoogte te brengen van gelijk welke instructies, mededelingen, aankondigingen, beslissingen op nationaal of provinciaal vlak, vanwege eender welke V.V.D.F. VZW-instantie.Dit gebeurt via uithanging in het lokaal,post of internet.
A.3.D.3 De club is verantwoordelijk voor de administratie van haar leden.
A.3.D.4 De secretaris van de club brengt gelijk welke wijziging aan de samenstelling en/of de verdeling van de functies binnen het clubbestuur, onmiddellijk ter kennis aan het P.C. van die provincie van de V.V.D.F. VZW
A.3.E.1 Het bestuur van de club is samengesteld uit minimum 4 personen, die allen lid moeten zijn van de V.V.D.F. VZW
A.3.E.2 Om in het bestuur te kunnen zetelen, dient men de leeftijd van 18 jaar bereikt te hebben op het ogenblik van de aanstelling.
A.3.E.3 In het bestuur zetelen minstens een voorzitter, een secretaris en een penningmeesteA. Deze functies mogen niet gelijktijdig worden uitgeoefend.
A.3.E.4 Het bestuur kiest zelf onder zijn leden de personen die deze voorgeschreven functies en eventueel bijkomende functies zullen uitoefenen.
A.3.E.5 De leden van het bestuur worden aangesteld door de algemene vergadering van alle aangesloten leden tijdens een bestuursverkiezing.
A.3.E.6 Om aangesteld te worden, moet men minstens de helft van de stemmen behalen.
A.3.E.7 De bestuursleden worden aangesteld voor een periode van twee jaar, gaande van 1 september tot 31 augustus.
A.3.E.8 Het bestuur is belast met volgende taken:
A.3.E.9 Het bestuur kan een lid schorsen of ontslaan voor deelname aan de activiteiten van de club, zonder af te doen aan het lidmaatschap van dat lid bij de V.V.D.F. VZW
A.3.E.10 Het bestuur kan via de procedures daartoe bepaald in het Reglement van Inwendige Orde van de V.V.D.F. VZW vragen om een lid provinciaal of nationaal te schorsen in geval het gaat om feiten die binnen de provinciale of nationale activiteiten vallen.
A.3.E.11 Telkens een bestuurslid het nodig acht, zal een bestuursvergadering worden bijeengeroepen.
De secretaris meldt, via uithanging in het lokaal de post of internet de datum en te bespreken punten.
A.3.E.12 De vergaderingen worden geleid door de voorzitter of, bij diens afwezigheid, door de secretaris of de penningmeester. Minstens twee derden van de bestuursleden moeten aanwezig zijn.
A.3.E.13 Beslissingen worden genomen bij gewone meerderheid. Bij gelijkheid van stemmen zal de stem van de voorzitter beslissen.Deze beslissingen worden aan de leden bekend gemaakt door middel van een nota, opgehangen op een goed zichtbare plaats in het clublokaal en/of per brief kenbaar gemaakt,eventueel via internet.
A.3.F Algemene vergadering van de club
A.3.F.1 De algemene vergadering van de club is samengesteld uit alle leden die op 1 september voorafgaand aan de algemene vergadering, effectief lid zijn van de Vrije Vlaamse Darts Federatie vzw .
A.3.F.2 De jaarlijkse algemene vergadering moet in de loop van mei worden gehouden.
A.3.F.3 Een buitengewone algemene vergadering wordt gehouden telkens het clubbestuur dat nodig acht of wanneer de helft van de clubleden dat wenst. Eveneens wanneer het aantal bestuursleden zakt onder het minimum van drie, wanneer over een wijziging van het lokaal of over het ontbinden van de club dient beslist te worden.
A.3.F.4 De oproep voor elke algemene vergadering zal minstens 21 dagen vooraf worden bekend gemaakt door middel van een nota, opgehangen op een goed zichtbare plaats in het clublokaal en/of per brief,of via internet kenbaar gemaakt worden aan alle clubleden.
A.3.F.5 Elk lid kan punten op de agenda laten plaatsen, mits deze ten laatste 3 dagen vooraf schriftelijk aan de clubsecretaris kenbaar worden gemaakt.
A.3.F.6 De bevoegdheden van de algemene vergadering van de club zijn de volgende:
A.3.F.7 Beslissingen worden genomen bij gewone meerderheid. In geval van gelijkheid van stemmen,zal het bestuur beslissen.
A.3.F.8 Een lid dat door het clubbestuur of door een van de bevoegde V.V.D.F. VZW-instanties voor welke reden ook effectief is geschorst, kan tijdens deze periode niet aan de stemming deelnemen.
A.3.G Wijziging van lokaal
A.3.G.1 Een wijziging van lokaal tijdens het seizoen kan enkel indien het clublokaal niet meer beschikbaar is, hetzij door sluiting hetzij door gebrek aan aangepaste werpstand.
A.3.G.2 Een wijziging van lokaal om een andere reden, is eveneens mogelijk indien alle leden en ploegen hiermee unaniem akkoord gaan. Hierover wordt beslist op een bijzondere algemene vergadering.
A.8.A Algemene bepalingen
A.8.A.1 Voor wat het doen toepassen van reglementen en het uitspreken van straffen betreft, is het Provinciaal Comité een uitvoerend orgaan van de V.V.D.F. VZW
A.8.A.2 Voor andere taken die worden opgelegd, richt het Provinciaal Comité zich naar de bevoegdheden die voor elke afzonderlijke taak worden toegekend.
A.8.B Samenstelling
A.8.B.1 Het P.C. is samengesteld uit leden van de provincie ,en reeksverantwoordelijken.
A.8.B.2 Het P.C. telt minimum 4 leden .
A.8.B.3 In het P.C. dient minstens 1 lid uit elk samenstellend gewest te zetelen.
A.8.B.4 In het P.C. zetelen minstens een voorzitter, een ondervoorzitter, een secretaris en een penningmeester.
A.8.B.5 Het P.C. duidt onder haar leden de personen aan die de voorgeschreven functies uitoefenen.
A.8.B.6 De samenstelling van het P.C. of elke wijziging ervan wordt door de secretaris schriftelijk bevestigd aan de betrokken gewestsecretarissen en aan het secretariaat van de V.V.D.F.
A.8.B.7 Indien om welke reden ook, het aantal leden van het P.C. onder het gestelde minimum daalt,moeten onmiddellijk en in de gestelde volgorde volgende procedures worden gevolgd:
A.8.C Aanstelling
A.8.C.1 De leden van het P.C. worden aangesteld door de diverse verantwoordelijken van de clubs,in de desbetreffende provincie.
A.8.C.2 De leden van het P.C. moeten op het ogenblik van hun aanstelling de leeftijd van 18 jaar hebben bereikt.
A.8.C.3 Leden van het P.C. dienen op het ogenblik van hun aanstelling minstens 12 maanden ononderbroken lid te zijn van de V.V.D.F. VZW Deze regel is van toepassing na 2010.
A.8.C.4 Het mandaat van een lid van het P.C. gaat in op de dag van zijn aanstelling door het P.C. en bedraagt 2 jaar.
A.8.D Taak en bevoegdheid
A.8.D.1 Het P.C. is belast met het doen naleven van alle statuten, reglementen of instructies die onder zijn bevoegdheden vallen.
A.8.D.2 Het P.C. kan straffen uitspreken en sancties opleggen op het vlak van de spelreglementen voor de provinciale en gewestelijke ploegencompetities, evenals voor tornooien en de Beker van VLAANDEREN, op het vlak dat haar aanbelangt.
A.8.D.3 Het P.C. geldt als eerste tuchtcommissie voor zaken ,gebeurd in de eigen provincie.De beroepscommissie is steeds regionaal.
A.8.D.4 Het P.C. kan beslissingen nemen, straffen uitspreken en sancties opleggen in zaken die het P.C. van hogerhand krijgt opgedragen.
A.8.D.5 Het P.C. is belast met de organisatie van de provinciale ploegencompetitie.
A.8.D.6 Het P.C. is belast met de organisatie van de Provinciale BEKER.
A.8.D.7 Het P.C. kan eigenmachtig controle uitoefenen, reglementen doen toepassen en beslissingen nemen in de organisatie of het verloop van gelijk welke wedstrijden in V.V.D.F. VZW-verband op het niveau dat het P.C. aanbelangt.
A.8.D.8 Het P.C. kan eigenmachtig en onder haar eigen verantwoordelijkheid een persoon of personen belasten met taken en/of bevoegdheden.
A.8.D.9 Het P.C. is eveneens verantwoordelijk voor de provinciale ledenlijsten.En doorgave,daarvan aan de Raad van Bestuur.
A.8.E Bijeenroeping
A.8.E.1 Het P.C. komt telkens samen wanneer dit voor zijn goede werking nodig is.
A.8.E.2 Het P.C. komt samen op een door de leden onderling overeen te komen plaats, dag en uur,waarbij eventueel de keuze van de voorzitter doorslaggevend is.
A.8.E.3 De secretaris van het P.C. brengt de leden op gelijk welke wijze op de hoogte van de agenda,via brief,internet en licht ook de Raad van Bestuur van de V.V.D.F. VZW in.
A.8.E.4 Wanneer het P.C. dient te oordelen over disciplinaire aangelegenheden, zal de secretaris de betrokkene(n) uiterlijk acht dagen voor de vergadering op gelijk welke wijze oproepen,en dit tevens mededelen aan de Raad van Bestuur van de V.V.D.F. VZW
A.8.E.5 Om geldig te kunnen vergaderen, dient minstens de naar boven afgeronde helft van de leden aanwezig te zijn.
A.8.E.6 Leden van het bestuur van de V.V.D.F. VZW, van de V.B.C.(beroepscommissie) en van de betrokken gewestbesturen kunnen steeds de vergaderingen van het P.C. bijwonen, met spreekrecht maar zonder stemrecht.
A.9.E.7 Iedere lid heeft het recht zich te laten bijstaan,door een lid of toegetreden lid met spreekrecht ,doch zonder stemrecht.
A.8.F Beslissingen
A.8.F.1 Het P.C. kan geen definitieve beslissingen nemen over punten die de aangesloten clubs aangaan ,zonder eerst die punten,aan de clubs mede te delen.Ook dient dit kenbaar gemaakt te worden aan de AV.
A.8.F.2 Behalve wanneer specifieke instructies het anders voorzien, worden beslissingen door het P.C. genomen bij gewone meerderheid.
A.8.F.3 De stemming gebeurt bij handopsteking.
A.8.F.4 In geval van gelijkheid van stemmen, geeft de stem van de voorzitter de doorslag.
A.8.F.5 De leden van het P.C. zijn tot geheime stemming, verplicht als de stemming persoonsgebonden is.
A.8.F.6 De secretaris neemt de uitslag van de stemming(en) op in het verslag van de vergadering, zonder evenwel de persoonlijke wijze van stemmen van de leden te vermelden.
A.8.F.7 De secretaris van het P.C. houdt de verslagen van de vergaderingen bij op het secretariaat.
A.8.F.8 De secretaris van het P.C. stuurt binnen de veertien dagen een kopij van het verslag van elke vergadering naar het secretariaat van de V.V.D.F. VZW en van de V.B.C.
A.8.G Ontslag uit het P.C.
A.8.G.1 Een lid van het P.C. kan steeds uit het P.C. treden door zijn ontslag schriftelijk aan het secretariaat van het P.C. en aan het secretariaat van het gewestbestuur, dat zij/hij vertegenwoordigt, te melden.Of te laten bijschrijven als te behandelen punt op de provinciale vergadering.
A.8.G.2 Wie zijn mandaat als lid van het P.C. niet naar behoren vervult, waarover de overige leden van het P.C. oordelen, kan alleen door het P.C. uit zijn functie worden ontslagen.
A.8.G.3 Een lid van het P.C. dat op drie achtereenvolgende vergaderingen van het P.C. afwezig blijft zonder dat vooraf te melden, wordt automatisch geacht af te treden.
A.8.H Omvorming tot P.A.C.--Tuchtcommissie
A.8.H.1 Voor tuchtzaken, wordt het P.C. omgevormd tot P.A.C. (Provinciale Arbitrage Commissie), met dezelfde samenstelling en dezelfde bevoegdheden.
A.9.A Algemene bepalingen
A.9.A.1 De Vlaamse Beroeps Commissie is een uitvoerend orgaan van de V.V.D.F. VZW
A.9.A.2 De Vlaamse Beroeps Commissie,bestaat uit leden of toegetreden leden.Uit de aanvragen worden die mensen gekozen,verdeeld over zoveel mogelijk provincies.
A.9.A.3 De V.B.C. is de laatste beroepsinstantie. Tegen haar beslissing is geen beroep mogelijk.
A.9.B Samenstelling
A.9.B.1 De V.B.C. bestaat uit leden van de V.V.D.F. VZW en telt minstens 4 leden.
A.9.B.2 In de V.B.C. kunnen maximum twee leden uit dezelfde provincie zetelen.
A.9.B.3 Leden van de V.B.C. kunnen geen deel uitmaken van de de Raad van Bestuur of A.V.van de V.V.D.F. VZW,of van de diverse P.AC.’s.
A.9.B.4 In de V.B.C. zetelen een voorzitter, een ondervoorzitter en een secretaris,en de leden.
A.9.B.5 De V.B.C. duidt zelf onder haar leden de personen aan die de voorgeschreven functies zullen uitoefenen.
A.9.B.6 De secretaris van de V.B.C. meldt onmiddellijk en schriftelijk aan de P.C’s elke wijziging die zich voordoet in de samenstelling van en/of de verdeling van de functies binnen de V.B.C.
A.9.B.7. Indien, om gelijk welke reden, wordt vastgesteld dat het aantal leden van de V.B.C. onder het gestelde minimum daalt, zal onmiddellijk en in de hierna gestelde volgorde, volgende procedure worden gevolgd:
a. De secretaris of de voorzitter van de V.V.D.F. doet de A.V. bijeenkomen, uiterlijk 14 dagen nadat is vastgesteld dat het aantal leden van de V.B.C. onder het vereiste minimum is gedaald.
b. Tijdens deze zitting duidt de A.V., onder zijn leden en tot het vereiste aantal is bereikt, één of meer vervangers aan die met de overgebleven leden de taken van de V.B.C. waarnemen.
c. De secretaris van de V.V.D.F. VZW brengt provincie’s en clubs er zo vlug mogelijk van op de hoogte dat dringend kandidaten voor de V.B.C. worden gevraagd.
d. Leden of toegetreden leden die zich kandidaat wensen te stellen bij deze noodprocedure, dienen door hun provincie te worden gesteund en voorgedragen op gelijk welke wijze maar steeds met een schriftelijke bevestiging, binnen de acht dagen nadat zij zich kandidaat hebben gesteld bij hun P.C., dat er zich toe verbindt een zitting samen te roepen teneinde te beslissen om deze kandidatuur al dan niet te steunen.
e. De secretaris van de provincie maakt deze beslissing binnen de acht dagen schriftelijk bekend aan het secretariaat van de A.V. en het secretariaat van de V.B.C.
A.9.B.8 De waarnemende V.B.C. zoals aangesteld in art. A.9.B.7 heeft enkel de bevoegdheid de lopende zaken af te handelen.
A.9.C Aanstelling
A.9.C.1 Kandidaten voor de V.B.C. dienen door hun P.C. voorgedragen te worden.
A.9.C.2 Kandidaten kunnen ten allen tijde door de P. C. worden gecoöpteerd.
A.9.C.3 Leden van de V.B.C. worden aangesteld door de P.C. tijdens de eerstvolgende vergadering.
A..9.C.4 Indien het P.C. dient te handelen volgens de bepalingen van de noodprocedure, worden leden van de V.B.C. aangesteld tijdens een vergadering die uiterlijk 45 dagen na de in A.9.B.7.a voorziene vergadering moet worden gehouden.
A.9.C.5 Leden van de V.B.C. moeten bij aanvang van hun ambtstermijn de leeftijd van 18 jaar hebben bereikt .
A.9.C.6 Leden van de V.B.C. dienen op het ogenblik van hun aanstelling minstens twee jaar ononderbroken lid zijn van de V.V.D.F.Treed in werking na 2011.
A.9.C.7 Een mandaat van de V.B.C. bedraagt 3 jaar vanaf de aanstelling.
A.9.C.8 Een uittredend lid, dat de steun van zijn provincie blijft behouden, is automatisch herkiesbaar.Ontslag wordt ingediend aan de secretaris van de V.B.C. via de post,e-mail of mondeling, als punt op een vergadering.
A.9.D Taak en bevoegdheid
A.9.D.1 De V.B.C. spreekt, in laatste instantie, straffen en sancties uit.
A.9.D.2 Het P.C. kan de V.B.C. bijkomende taken opleggen, die dan schriftelijk aan het secretariaat van de V.B.C. worden gemeld.
A.9.E Bijeenroeping
A.9.E.1 De V.B.C. komt ambtshalve bijeen tijdens het laatste weekeinde van januari.
A.9.E.2 De V.B.C. komt telkens samen wanneer dit voor de goede werking noodzakelijk is.
A.9.E.3 De V.B.C. komt samen op een door de leden overeengekomen plaats, dag en uur.
A.9.E.4 De secretaris van de V.B.C. brengt de leden uiterlijk acht dagen voor de vergadering op de hoogte van de agenda
A.9.E.5 Wanneer de V.B.C. dient te oordelen over disciplinaire aangelegenheden, moet de secretaris de betrokkene(n) uiterlijk acht dagen voor de vergadering schriftelijk,of per mail oproepen.
A.9.E.6 Om geldig te kunnen vergaderen, dient twee derden van de leden, afgerond naar boven, aanwezig te zijn.
A.9.F Beslissingen
A.9.F.1 Beslissingen worden door de V.B.C. genomen bij gewone meerderheid.
A.9.F.2 De stemming gebeurt geheim,via een formulier.
A.9.F.3 In geval van gelijkheid van stemmen, is de stem van de voorzitter doorslaggevend.
A.9.F.4 De leden van de V.B.C. zijn tot geheimhouding over de wijze van stemmen gebonden.
A.9.F.5 De secretaris van de V.B.C. neemt de uitslag van de stemming op in het verslag van de vergadering zonder evenwel de persoonlijke wijze van stemmen van de leden te vermelden.
A.9.F.6 De secretaris is verantwoordelijk voor het bijhouden van de verslagen.
A.9.F.7 De secretaris stuurt binnen de 14 dagen een identieke kopij van het verslag van eender welke vergadering op naar het secretariaat van de V.V.D.F. VZW en de secretariaten van de beide vleugels.
A.9.F.8 Elke zaak wordt bijgewoond,door minstens een lid van de A.V. en minstens een lid van de betrokken P.A.C.
A.9.G Ontslag uit de V.B.C.
A.9.G.1 Een lid van de V.B.C. kan steeds uit de V.B.C. treden, door zijn ontslag schriftelijk ,of per mail op te sturen,naar het secretariaat van de V.B.C. en het secretariaat van de Raad van Bestuur van de V.V.D.F.vzw.Of te laten noteren op een vergadering van de V.B.C.
A.9.G.2 Wie als lid van de V.B.C. zijn mandaat niet naar behoren vervult, waarover de overige leden van de V.B.C. bij geheime stemming zullen oordelen, kan alleen door
de Raad van Bestuur van de V.V.D.F. VZW uit zijn functie worden ontslagen.
A.9.G.3 Een lid van de V.B.C. dat drie opeenvolgende vergaderingen van de V.B.C. afwezig blijft zonder dat vooraf te melden, wordt geacht automatisch af te treden.
A.9.G.4 Indien de Raad van Bestuur van de V.V.D.F. VZW het noodzakelijk acht gebruik te maken van zijn bevoegdheid om de V.B.C. in haar geheel te ontbinden, kan dat alleen mits goedkeuring van een buitengewone algemene vergadering, die dient samen te komen volgens de daartoe voorziene procedures.
A.9.G.5 De procedure tot ontbinding van de V.B.C. ziet er als volgt uit:
a. A.V. van de V.V.D.F. VZW roept een buitengewone algemene vergadering samen.
b. De V.B.C. zal op deze vergadering uitgenodigd worden, met spreekrecht maar zonder stemrecht.
c. Na het aanhoren van de aanleidinggevende factoren, zal de buitengewone algemene vergadering bij gewone meerderheid beslissen of de huidige V.B.C. wordt ontbonden of niet.
d. Indien de uitslag van de stemming van die aard is dat de V.B.C. wordt ontbonden, zal de procedure zoals vermeld in art. A.9.B.7 worden ingezet.
A.10.A.1 Voor gelijk welke overtreding van reglementen of voor gelijk welk voorval binnen de invloedssfeer van de dartssport, die aan de .V.D.F. VZW wordt voorgelegd, zal die instantie ,de overtreding doorgeven aan het bevoegd P.A.C.
A.10.A.2 Straffen of sancties zijn onmiddellijk van toepassing, voor zover ze door de juiste V.V.D.F. VZW-instantie zijn uitgesproken, en moeten binnen de veertien dagen aan de betrokkene(n), aan het secretariaat van de V.V.D.F. VZW en van de V.B.C. en aan het P.C. van de betrokkene(n) worden medegedeeld door de V.V.D.F. VZW-instantie die de uitspraak velt.
A.10.B.1 In eerste instantie moet een zaak worden behandeld door de P.A.C. van het gewest waar de overtreding of het voorval zich heeft voorgedaan.
Beroep kan dan eventueel worden aangetekend bij het V.B.C.
Tegen beslissingen van de V.B.C. is geen beroep meer mogelijk.
A.10.B.2 Klachten of geschillen die niet bij de verschillende provincale besturen of de VVDF zelf worden aanhangig gemaakt, worden als nietig beschouwd.
A.10.B.3 Een lid die internationaal een overtreding begaan heeft ,komt eerst voor zijn eigen P.A.C. daarna indien gewenst voor het V.B.C.
A.10.C.1 Enkel de betrokkene(n) kan/kunnen beroep aantekenen tegen een beslissing van gelijk welke V.V.D.F. VZW- instantie door zich te wenden tot de volgende hogere instantie, en dit tot uitputting van de mogelijkheden.
A.10.C.2 De laatste instantie waarbij beroep kan worden aangetekend, is de V.B.C.
A.10.C.3 In alle gevallen dient het beroep binnen de veertien dagen nadat de beslissing aan de betrokkene(n) is gezonden, per aangetekend schrijven, aan de juiste V.V.D.F. VZW-instantie te worden overgemaakt.
A.10.C.4 Voor het beoordelen van het respecteren van de termijn voor het aantekenen van het beroep, wordt rekening gehouden met de datum van de poststempel.
A.10.C.5 Wanneer op de voorziene wijze beroep wordt aangetekend, wordt de straf of sanctie opgeschort vanaf de dag waarop de juiste V.V.D.F. VZW-instantie het beroep heeft ontvangen.
A.10.C.6 Beroep tegen de beslissing van een clubbestuur moet worden aangetekend bij het P.C. van de provincie.Dit is gratis.
A.10.C.7 Beroep bij de V.B.C. moet vergezeld zijn van de storting van een borgsom van 5 (vijf) Euro op de rekening van de V.V.D.F. VZW. Zo niet, wordt het beroep niet behandeld.
A.10.C.8 Alle beroepen dienen binnen de drie weken,gemeld te worden,via e-mail of post.Die termijn wordt verlengd indien nieuwe bewijzen of gegevens opduiken.
1 Dopinggebruik
1a Positief bevonden worden na een controle,door WADA.
Eerste overtreding ,1 jaar schorsing
Tweede overtreding ,2 jaar schorsing
Derde overtreding minimum 3 jaar schorsing.
Alle sancties genomen door WADA,zijn bepalend,bovengenoemde sancties kunnen enkel verzwaren,nooit verminderen.
1b Drugs dealen
Zaak komt voor de P.A.C.,onmiddelijke uitsluiting uit de federatie,van zodra de feiten bewezen zijn.Doorverwijzing naar het gerecht.
2 Openbare dronkenschap
2a Tijdens een tornooi ,uitsluiting uit het tornooi en verlies van wedstrijdpunten en winstpremie.Bij herhaling telkens schorsing van een maand.
2b Als aangesteld door de V.V.D.F. VZW hetzij als speler ,hetzij als official ,sanctie uitgesproken door de P.A.C.,naar gelang de zwaarte van de overtreding.
3 Ordeverstoring en vechtpartijen.
3a Bij ordeverstoring,kabaal maken ,op gelijk welke manier het normaal wedstrijdverloop vertragen,verstoren of belemmeren.Zaak komt voor de P.A.C. van de desbetreffende provincie.
3b Bij een vechtpartij kan de federale politie opgeroepen worden.Daarna wordt de zaak behandeld door de P.A.C.Tuchtstraffen gaan van schorsing tot uitsluiting.
4 Vandalestreken
4a Het opzettelijk beschadigen of vernietigen van andermans goed . De zaak komt voor de P.A.C., vergoeden van de schade ,en andere tuchstraf te bepalen door de P.A.C.Eventuele doorverwijzing naar het gerecht.
5 Beledigingen,lasterlijke aantijgingen,roddels en laster.
5a Indien het de economische belangen schaadt van de getergde partij,schorsing ofwel uitsluiting uit de federatie.Partijen zijn onder andere organisatoren,de V.V.D.F. VZW zelf of,privé-personen, die een economische activiteit hebben.De P.A.C. bepaalt de zwaarte.
5b Indien het de familiale belangen schaadt,behandeling door de P.A.C.
De aanklagers mogen ook ten allen tijde naar het gerecht zelf stappen,los van de sancties van de V.V.D.F. VZB.
6 Diefstal
6a Behandeling door de P.A.C., eventuele doorverwijzing naar het gerecht.
A.11.A.1 De Algemene Vergadering bestaat uit de stichters van de vzw,die de diverse provincies vertegenwoordigden.Elke provincie heeft een effectief lid,een van de stichters,of een aangestelde in geval geen stichter beschikbaar is,die de aangesloten clubs en leden vertegenwoordigt.Elke 100 leden komt er een effectief lid van die provincie bij.Indien een bestaande federatie op zijn geheel aansluit,blijft het bestuur van die federatie behouden.Bovendien heeft de voorzitter van deze federatie,per 100 leden ,een stem,in de AV.In geval een federatie,meer dan 100 leden heeft beschikt de voorzitter,dus over meer dan een stem.Hij of zij mag zich ten allen tijde laten bijstaan door zijn aangestelden.
A.11.B.1 Buiten hetgeen expliciet is voorzien in de statuten, beslist de Algemene Vergadering over de punten en voorstellen die op de agenda zijn voorzien.
A.11.C.1 De Algemene Vergadering komt bijeen volgens de modaliteiten zoals voorzien in de statuten van de vereniging.
A.11.C.2 Behalve in geval van een bijzondere Algemene Vergadering, waarvoor de wet en dit reglement specifieke bepalingen voorzien, is de samenkomst van de Algemene Vergadering geldig, wat ook het aantal aanwezige leden is.
A.11.C.3 Met bijzondere Algemene Vergadering wordt een vergadering bedoeld waarbij het gaat om:
a. wijziging van de statuten van de vereniging
b. wijziging van het doel van de vereniging
c. bijeenroeping gevraagd door een Provinciale Bestuursraad
d. bijeenroeping gevraagd door één vijfde van de leden
e. ontslag en opheffing van de V.B.C.
A.11.C.4 Voor een bijzondere Algemene Vergadering dient 2/3 van alle stemgerechtigde leden bij aanvang aanwezig te zijn.
A.11.C.5 Het quorum en de daaruit voortvloeiende meerderheidsbepaling wordt bij aanvang van de Algemene Vergadering vastgesteld en behouden tijdens de volledige duur ervan. Deelnemers die de vergadering verlaten, worden beschouwd en genoteerd als onthoudingen bij een eventuele stemming.
A.11.C.6 Indien bij een bijzondere Algemene Vergadering niet elk stemgerechtigd lid aanwezig is, zal volgens de bepalingen van de wet, een nieuwe bijzondere Algemene Vergadering worden bijeengeroepen, die geldig is ongeacht het aantal aanwezige leden.
A.11.C.7 De secretaris verstuurt de oproep voor een algemene vergadering zoals in de statuten is voorzien, samen met de agenda en een kopie van eventuele voorstellen.De oproep voor een Bijzondere AV,wordt ook op de website gepubliceerd ,14 dagen vanop voorhand.
A.11.C.8 Leden van de Algemene Vergadering, die binnen de in de statuten voorziene termijn geen oproep voor de Algemene Vergadering hebben ontvangen, dienen zelf contact op te nemen met de secretaris.
A.11.C.9 De Algemene Vergadering wordt geleid door de voorzitter of – in geval deze afwezig is – door een andere beheerder,
A.11.B.1 Buiten hetgeen expliciet is voorzien in de statuten, beslist de Algemene Vergadering over de punten en voorstellen die op de agenda zijn voorzien.
A.11.C.1 De Algemene Vergadering komt bijeen volgens de modaliteiten zoals voorzien in de statuten van de vereniging.
A.11.C.2 Behalve in geval van een bijzondere Algemene Vergadering, waarvoor de wet en dit reglement specifieke bepalingen voorzien, is de samenkomst van de Algemene Vergadering geldig, wat ook het aantal aanwezige leden is.
A.11.C.3 Met bijzondere Algemene Vergadering wordt een vergadering bedoeld waarbij het gaat om:
a. wijziging van de statuten van de vereniging
b. wijziging van het doel van de vereniging
c. bijeenroeping gevraagd door een Provinciale Bestuursraad
d. bijeenroeping gevraagd door één vijfde van de leden
e. ontslag en opheffing van de V.B.C.
A.11.C.4 Voor een bijzondere Algemene Vergadering dient 2/3 van alle stemgerechtigde leden bij aanvang aanwezig te zijn.
A.11.C.5 Het quorum en de daaruit voortvloeiende meerderheidsbepaling wordt bij aanvang van de Algemene Vergadering vastgesteld en behouden tijdens de volledige duur ervan. Deelnemers die de vergadering verlaten, worden beschouwd en genoteerd als onthoudingen bij een eventuele stemming.
A.11.C.6 Indien bij een bijzondere Algemene Vergadering niet elk stemgerechtigd lid aanwezig is, zal volgens de bepalingen van de wet, een nieuwe bijzondere Algemene Vergadering worden bijeengeroepen, die geldig is ongeacht het aantal aanwezige leden.
A.11.C.7 De secretaris verstuurt de oproep voor een algemene vergadering zoals in de statuten is voorzien, samen met de agenda en een kopie van eventuele voorstellen.De oproep voor een Bijzondere AV,wordt ook op de website gepubliceerd ,14 dagen vanop voorhand.
A.11.C.8 Leden van de Algemene Vergadering, die binnen de in de statuten voorziene termijn geen oproep voor de Algemene Vergadering hebben ontvangen, dienen zelf contact op te nemen met de secretaris.
A.11.C.9 De Algemene Vergadering wordt geleid door de voorzitter of – in geval deze afwezig is – door een andere beheerder,
1.Gewettigd verblijf
Van de sportbeoefenaars die met een arbeidsovereenkomst worden tewerkgesteld , wordt geëist dat ze een gewettigd verblijf op het Belgische grondgebied aantonen,vooraleer ze lid kunnen worden van de V.V.D.F. VZWHet gewettigd verblijf wordt bewezen door een geldig document uitgaande van de bevoegde overheid waaruit het gewettigd verblijf blijkC.”
Deze verplichting vloeit voort uit de wet op de tewerkstelling van buitenlandse werknemers.
Bij twijfel dient men contact op te nemen met het Ministerie van Binnenlandse Zaken, dienst Vreemdelingenzaken ( coördinaten zie punt 5).
2.Mensenhandel
“De V.V.D.F. VZW en de bij haar aangesloten clubs verbinden er zich toe de wetgeving op de bestrijding van de mensenhandel na te leven en te doen naleven.
Het betreft:
de Wet van 13 april 1995 houdende bepalingen tot bestrijding van de mensenhandel en van de kinderpornografie, B.S., 25 april 1995
en alle later volgende wetgeving die deze materie regelt
Degene die rechtstreeks of via een tussenpersoon ertoe bijdraagt dat een vreemdeling België binnenkomt of er verblijft, en wanneer hij daarbij:
ten opzichte van de vreemdeling direct of indirect gebruik maakt van listige kunstgrepen, geweld, bedreigingen of enige andere vorm van dwang
of misbruik maakt van de bijzonder kwetsbare positie waarin de vreemdeling verkeert wordt gestraft met een gevangenisstraf of een boete conform de Wet op de bestrijding van de mensenhandel.”
3. Tewerkstelling: sporters met een arbeidsovereenkomst
“De V.V.D.F. VZWen de bij haar aangesloten clubs verbinden er zich toe de wetgeving op de tewerkstelling van buitenlandse werknemers na te leven en te doen naleven (o.a. arbeidsvergunning, arbeidskaart).
Het betreft:
de Wet van 30 april 1999 betreffende de tewerkstelling van buitenlandse werknemers, B.S., 21 mei 1999
het Koninklijk besluit van 9 juni 1999 houdende de uitvoering van de wet van 30 april 1999 betreffende de tewerkstelling van buitenlandse werknemers, B.S., 26 juni 1999
het Koninklijk Besluit van 3 december 2001 tot wijziging van het koninklijk besluit van 9 juni 1999 houdende uitvoering van de wet van 30 april 1999 betreffende de tewerkstelling van buitenlandse werknemers, B.S., 20 december 2001
en alle later volgende wetgeving die deze materie regelt
De sportfederatie en de bij haar aangesloten clubs verbinden er zich toe de wetgeving op de arbeidsbemiddeling na te leven en te doen naleven.
Het betreft:
het Decreet van 13 april 1999 met betrekking tot de private arbeidsbemiddeling in het Vlaamse Gewest, B.S., 5 juni 1999
het Besluit van de Vlaamse regering van 8 juni 2000 tot uitvoering van het decreet van 13 april 1999 met betrekking tot de private arbeidsbemiddeling in het Vlaamse Gewest, B.S., 11 juli 2000
en alle later volgende wetgeving die deze materie regelt”
4.Extra tuchtmaatregelen en straffen.
De Vrije Vlaamse Darts Federatie vzw zal steeds, vooraleer te sanctioneren de uitspraak van de bevoegde rechtbanken afwachten.Pas daarna zal door de V.V.D.F. VZW een bijkomende tuchtmaatregel toegepast worden,voor zover zulks wettelijk toegelaten is.Zowel op de desbetreffende club,als op de verantwoordelijke personen die de deontologische code overtreden hebben.
Deze sancties kunnen afhankelijk van de zwaarte van de overtreding door de sportclub gaan van de schrapping, schorsing of degradatie van een club naar een lagere afdeling tot het opleggen van een geldboete.
Voor leden - natuurlijke personen kunnen deze sancties afhankelijk van de zwaarte van de overtreding gaan van de uitsluiting uit de vereniging, een schorsing en of het opleggen van een geldboete.
5. Bijkomende inlichtingen
Algemene Directie van de Dienst Vreemdelingenzaken
Antwerpsesteenweg 59B, 1000 Brussel
Tel.: 02/206.13.00, fax: 02/206.14.55
Internet: http://wwB.dofi.fgov.be
Dienst Visa
Karmelietenstraat 15, 1000 Brussel
Tel.: 02/501.81.11, fax: 02/501.38.38
Internet: http://diplobel.fgov.be
Ministerie van de Vlaamse Gemeenschap
Afdeling Migratie en Arbeidsmarktbeleid
Markiesstraat 1, 1000 Brussel
Tel.: 02/553.43.96, fax: 02/553.44.22
Internet: http://wwB.vlaanderen.be/werk
Bestuur Economie en Werkgelegenheid
Communicatiecentrum Noord
Vooruitgang straat 80 (bus 1), l030 BrussELTel.: 02/204.18.85, fax: 02/204.Internet: http://wwB.brussel.irisneC.be
B.1.A Organisatie
B.1.A.1 De ploegencompetitie kan worden georganiseerd op nationaal, provinciaal en gewestelijk vlak volgens de modaliteiten die in deze reglementen voorzien zijn en volgens de aanwijzingen die door de V.V.D.F. VZW worden verstrekt.Wel wordt zoveel mogelijk per regio gespeeld ,om afstanden te beperken.
B.1.A.2 De ploegencompetitie wordt gespeeld binnen de periode van 1 september tot 15 juni van het daarop volgende jaar.
B.1.A.3 Dames en heren spelen samen,of in aparte reeksen.
B.1.A.4 De ploegencompetitie wordt gespeeld volgens de geldende spelreglementen, aangevuld met de bepalingen uit deze wedstrijdreglementen.
B.1.A.4 Elke reeks heeft reeksverantwoordelijken,hierna genoemd het GEWESTBESTUUR.
B.1.B.1 De verantwoordelijke organisatoren leveren de voor de wedstrijden benodigde formulieren opgesteld door de Raad van Bestuur van de V.V.D.F. VZW .
B.1.B.2 Nieuwe reglementen of formulieren kunnen enkel in voege treden bij aanvang van het competitieseizoen dat aanvangt na 31 augustus van het jaar waarin zij werden voorgelegd.
B.1.C.1 Elke club kan een onbeperkt aantal ploegen voor deelname aan de ploegencompetitie inschrijven, voor zover zij voldoen aan de voorwaarden die hier volgen.
B.1.C.2 Een ploeg, en tevens de club waartoe zij behoort, dient aan gelijk welke aansluitings- en deelname voorwaarde te hebben voldaan vooraleer zij in de ploegencompetitie mag worden opgesteld.
B.1.C.3 Een ploeg moet samengesteld zijn uit leden van dezelfde club.
B.1.C.4 Een ploeg bestaat uit minimum 4 spelers, maar men kan in één wedstrijd maximum 12 spelers opstellen.
B.1.C.5 Anderzijds is een club, die aansluit bij een actief gewest ,niet verplicht een ploeg aan te sluiten,of aan competitie deel te nemen,ongeacht het aantal leden.
B.1.C.6 Van zodra een speler tijdens een bepaald competitieseizoen voor een bepaalde ploeg van zijn club op het inschrijvingsblad van een wedstrijd is vermeld, behoort hij tot het einde van dat seizoen tot die ploeg, ook al werd hij tijdens die wedstrijd niet effectief opgesteld.
B.1.C.7 De deelname van ploegen aan de ploegencompetitie is verplicht in de divisie en de reeks waarvoor zij in aanmerking komen.
B.1.D.1 De ploegkapitein wordt door zijn ploegleden aangesteld voor een gans seizoen, zonder afbreuk te doen aan het beslissingsrecht van het clubbestuur, dat hierin een wijziging kan aanbrengen.Dit wordt aan de competitieverantwoordelijke doorgegeven.
B.1.D.2 Indien een ploegkapitein afwezig is, zullen de ploegleden een vervanger aanduiden.
B.1.D.3 Indien een ploegkapitein definitief wordt vervangen, dient dat schriftelijk aan de competitie-verantwoordelijke te worden gemeld.
B.1.D.4 De ploegkapitein is verantwoordelijk voor de ploegopstelling, voor het juist invullen van het wedstrijdblad en van eventuele door de verantwoordelijke organisatoren vereiste formulieren.
B.1.D.5 Elke ploegkapitein moet voor elke wedstrijd de nodige lidkaarten en formulieren bij zich hebben en heeft het recht de voorlegging te vragen van de lidkaarten of voorlopige lidmaatschapsbewijzen van de tegenstrevers.
B.1.E.1 De wedstrijden van de ploegencompetitie moeten worden gespeeld in het lokaal waar de club is gevestigd.
B.1.E.2 Elke wijziging van lokaal in de loop van het seizoen moet minstens twee weken voor de volgende competitiewedstrijd gemeld worden aan
B.1.E.3 Een speler of speelster die om redenen die niet eigen zijn aan de dartssport, door de eigenaar van het lokaal de toegang tot het lokaal wordt ontzegd, kan deze weigering als een forfaitwinst inroepen, tenzij de uitbater van het lokaal over een gerechtelijk bevel beschikt.
B.1.E.4 In geval een speler of speelster wordt geweigerd aan de hand van een gerechtelijk bevel, kan dat niet als reden worden ingeroepen om de wedstrijd uit te stellen of een forfait te vragen.
B.1.F.1 De speeldag is de dag waarop een thuisspelende ploeg een wedstrijd dient te spelen volgens de bepalingen van het gewest waartoe die ploeg behoort, tenzij specifieke provinciale of nationale voorschriften het anders zouden voorzien.
B.1.F.2 Wedstrijden van de ploegencompetitie mogen niet worden gespeeld op de dagen wanneer de V.V.D.F. VZW een A1-wedstrijd organiseert.
B.1.F.3 De speeldag van een bepaalde wedstrijd mag worden uitgesteld in geval van absolute overmacht, waarover de verantwoordelijke organisatoren oordelen.
B.1.F.4 De speeldag van een bepaalde ploeg kan worden uitgesteld of vervroegd indien die ploeg op die dag één of meerdere spelers moet afstaan aan de nationale ploeg,of voor internationale tornooien.
B.1.F.5 Bij elke verandering, hetzij vervroegen of uitstellen, mits onderling akkoord van beide ploegen, moet de competitieverantwoordelijke hiervan minstens 24 uur vooraf worden verwittigd.
B.1.F.6 In elk geval moeten de wedstrijden van de laatste twee competitiedagen van het seizoen op de vastgestelde dagen en uren worden gespeeld.
B.1.G.1 De verantwoordelijke organisatoren duiden één of meerdere competitieverantwoordelijken aan die instaan voor het verzamelen van de uitslagen en het opmaken van de klassementen van de hun toevertrouwde reeksen.
B.1.G.2 De competitieverantwoordelijken staan eveneens in voor het versturen van de uitslagen en de rangschikkingen naar de clubs en de ploegen.
B.1.G.3 De competitieverantwoordelijken melden onmiddellijk elke abnormaliteit die bij nazicht van de wedstrijdformulieren wordt vastgesteld, aan de commissie waaronder hij ressorteert.
B.1.H.1 In principe wordt het aantal stijgers en dalers voor elke competitie voor aanvang van het seizoen duidelijk aangegeven.
B.1.H.2 De ploegen die promoveren, mogen afstand doen van dat recht,en in dezelfde reeks verder spelen.
B.2.A.1 Indien deze mogelijkheid zich voordoet, dient een volledig reglement uitgewerkt te worden, aangepast aan de dan actuele omstandigheden.
B.3.A Algemeen
B.3.A.1 De verantwoordelijke organisatoren voor de provinciale ploegencompetitie zijn de leden van de respectievelijke P.C.
B.3.A.2 Het P.C. is bevoegd voor alle geschillen en klachten binnen de provinciale ploegencompetitie.
B.3.A.3 Beroep tegen een beslissing van het P.C. kan enkel bij de V.B.C. worden aangetekend.
B.3.A.4 Een provinciale ploegencompetitie kan worden georganiseerd van zodra binnen een provincie minimum twee gewesten een volledig gewestelijk competitieseizoen hebben afgewerkt.
B.3.A.5 Een gewest dat van start gaat in een provincie waar de provinciale ploegencompetitie reeds bestaat, zal pas na het beëindigen van een volledig competitieseizoen aan de provinciale ploegencompetitie kunnen deelnemen, tenzij de Raad van Bestuur van de V.V.D.F. VZW een andere beslissing neemt.
B.3.B.1 De provinciale ploegencompetitie bestaat in principe uit reeksen van tien ploegen.
B.3.B.2 Na elk competitieseizoen stijgt de eerst gerangschikte ploeg uit de eerste afdeling van elk samenstellend gewest naar de provinciale reeks.
B.3.B.3 Na elk seizoen dalen maximum zoveel ploegen uit de provinciale reeks naar de eerste afdeling van hun gewest van oorsprong als er samenstellende gewesten in die provincie zijn, behalve wanneer hiernavolgend artikel B.3.B.4 van kracht is.
B.3.B.4 Behalve de “normale” dalers, degraderen ook alle ploegen die wegens disciplinaire redenen moeten dalen, wat ook hun aantal is.
B.3.B.5 Onmiddellijk na en aansluitend bij het einde van elk competitieseizoen, organiseert het P.C. afzonderlijk onder de tweede en derde gerangschikten uit eerste afdeling van de samenstellende gewesten een eindronde, teneinde een volgorde voor eventuele bijkomende stijgers te bepalen.
Die bijkomende stijgers worden aangeduid, naargelang het aantal plaatsen dat vrijkomt, in de volgorde van de uitslagen van die eindronde tot de beschikbare plaatsen zijn volzet.
Desnoods worden nog bijkomende stijgers aangeduid zonder het spelen van een eindronde.
B.3.B.6 Wanneer een provinciale ploegencompetitie wordt opgestart, zullen de samenstellende gewesten daartoe de nodige ploegen leveren op evenredige basis volgens het aantal van de competitieploegen in het pas afgelopen seizoen in elk van die gewesten.
B.3.C.1 De organisatiekosten van de provinciale ploegencompetitie, met inbegrip van de trofeeën, zullen door de samenstellende gewesten, naar evenredigheid van hun ledenaantal gedurende het vorige seizoen en volgens de instructies aan het P.C., worden gedragen.
B.4.A Algemeen
B.4.A.1 De verantwoordelijke organisatoren van de provinciale ploegencompetitie zijn de leden van het gewestbestuur.
B.4.A.2 Het gewestbestuur is via de P.A.C. bevoegd in alle geschillen en klachten binnen de gewestelijke ploegencompetitie.
B.4.A.3 Beroep tegen een beslissing van de P.A.C. is enkel mogelijk bij de V.B.C.
B.4.A.4 Een gewestelijke ploegencompetitie moet worden georganiseerd vanaf het ogenblik dat binnen een gewest minimum 4 ploegen daarvoor beschikbaar zijn.
B.4.B.1 Elke gewestelijke reeks dient uit minimum 4 ploegen te bestaan.
B.4.B.2 Afwijkingen hierop dienen schriftelijk worden voorgelegd aan de P.C..
B.4.B.3 De gewestelijke ploegencompetitie is steeds volgens deze structuur opgebouwd:
B.4.B.4 Het gewestbestuur kan de afdelingen volgens de specifieke behoeften van het gewest samenstellen maar moet rekening houden met de hierboven gestelde basisregels.
B.4.B.5 Indien binnen een gewest minimum 4 ploegen uitsluitend uit dames zijn samengesteld, mag een aparte ploegencompetitie voor dames worden georganiseerd, als al die ploegen daarmee akkoord gaan.
B.4.B.6 Een uitsluitend uit dames bestaande ploeg mag verkiezen in de gewone ploegencompetitie deel te nemen en kan niet verplicht worden voor de damescompetitie te kiezen.
B.4.B.7 De eerst gerangschikte ploeg van eerste afdeling stijgt naar provinciale, indien die reeks bestaat. Uit tweede afdeling stijgen twee ploegen naar eerste, uit derde eveneens twee naar tweede, enz.
B.4.B.8 Indien er meerdere reeksen bestaan, kan de verantwoordelijke organisator testwedstrijden organiseren voor bijkomende stijgers, die eventueel ook zonder eindronde en via loting kunnen worden aangeduid.
B.4.B.9 Er zijn in elke reeks een aantal dalers dat gelijk is aan het aantal ploegen dat promoveert uit de reeks net daaronder plus eventueel bijkomende dalers indien meer dan één ploeg van het gewest uit provinciale degradeert.
B.4.C.1 Het gewestbestuur bepaalt jaarlijks het inschrijvingsgeld dat elke ploeg voor deelname aan de competitie, tot dekking van de organisatiekosten, moet betalen.Elk lokaal moet evenwel een door het P.C. bepaald bedrag betalen,voor de verschillende trofees.Detailregeling door het P.C.
B.5.A Samenstelling en verloop
B.5.A.1 Een wedstrijd in de ploegencompetitie bestaat uit 10 “games”, verdeeld in drie ronden:
B.5.A.2 In alle wedstrijden van de competitie – zowel in enkelspel als dubbelspel – wordt een game betwist over “best of 5 legs”, tenzij een afwijking wordt toegestaan door het P.C.
B.5.A.3 Een “leg” vangt bij enkelspel aan met 501 punten, bij dubbelspel met 701 punten.
B.5.A.4 De volledige wedstrijd moet op één wedstrijdbord worden gespeeld en alle games moeten volledig worden afgewerkt.
B.5.A.5 De bezoekers beginnen de onpare games (1-3-5-7-9), de thuisploeg de pare games (2-4-6-8-10).
B.5.B.1 De werpstand moet ten laatste 30 min voor het voorziene beginuur van de wedstrijd speelklaar zijn .
B.5.C.1 De thuisploeg levert de schrijvers– één of meerdere – zoals beschreven in de spelreglementen.
B.5.D.1 De wedstrijden vangen ten laatste aan op het tijdstip dat door de verantwoordelijke organisatoren is bepaald.
B.5.D.2 De laatste twee wedstrijden van de competitie mogen ten vroegste één uur voor het door de verantwoordelijke organisatoren bepaalde tijdstip aanvangen.
B.5.E.1 Voor aanvang van de wedstrijd vermelden de ploegkapiteins, op hun deel van het wedstrijdblad, voluit de namen van de deelnemende spelers en hun lidnummer.
B.5.E.2 Indien een speler nog niet over zijn lidkaart beschikt, kan hij deelnemen met zijn voorlopig inschrijvingsbewijs en wordt dat op die manier op het wedstrijdblad vermeld.
B.5.E.3 De open gebleven lijnen in de samenstellingen op het wedstrijdblad worden doorstreept en nadien mogen geen spelers meer aan de lijst worden toegevoegd.
B.5.E.4 Spelers moeten niet noodzakelijk aanwezig zijn op het ogenblik dat de wedstrijdbladen worden ingevuld, maar moeten wel aanwezig zijn wanneer hun wedstrijd aan de beurt is.
B.5.E.5 Elke ploegkapitein vult voor aanvang van elke ronde de namen van de spelers in die hij opstelt voor die ronde, zonder dat hij de samenstelling van de tegenstrevers kan zien.
B.5.F.1 Een speler kan maximum driemaal worden opgesteld, maar nooit meer dan eenmaal in dezelfde ronde.
B.5.F.2 Een ploeg die slechts met drie spelers aantreedt, mag de wedstrijd spelen, maar verliest automatisch een game van elke ronde.
B.5.F.3 Indien een ploeg met slechts drie spelers aantreedt, mag de ploegkapitein voor elke ronde vrij bepalen welke plaats op het wedstrijdblad open blijft, zonder dat de tegenstrevers dat vooraf weten.
B.5.F.4 Schrappingen of doorhalingen op het wedstrijdblad moeten door beide ploegkapiteins worden geparafeerd.
B.5.F.5 Van zodra de namen en de volgorde van de spelers voor een ronde zijn gekend, mag daaraan niet meer worden gewijzigd.
B.5.F.6 In geval van absolute heerkracht, mag de ploegkapitein tijdens een bepaalde ronde een speler vervangen. Over die heerkracht moeten beide ploegkapiteins het eens zijn, het geval moet op het wedstrijdblad worden vermeld en ondertekend door beide ploegkapiteins.
B.5.G.1 Na elk game tekent de ploegkapitein van de thuisploeg de uitslag daarvan op in het daarvoor voorziene vak.
B.5.G.2 Indien een speler ontbreekt, wordt de wedstrijd met forfait gewonnen door de tegenpartij.In dat geval moeten de letters “FF” in het voor de speler voorziene vak worden aangeduid.
B.5.G.3 Elk gewonnen game levert één punt op voor de einduitslag. Na afloop van de wedstrijd tellen de ploegkapiteins de gewonnen en verloren games op en noteren zij de einduitslag op in het daartoe voorziene vak.
B.5.G.4 De ploegkapiteins vergewissen zich ervan dat de wedstrijdformulieren goed zijn ingevuld en ondertekenen ze vervolgens.
B.5.G.5 De thuisploeg is verantwoordelijk voor het versturen van het wedstrijdblad, ten laatste binnen de drie werkdagen.
B.5.H.1 In geval van gelijk welke klacht of opmerking in verband met een wedstrijd, is de klager verplicht binnen de drie dagen, per aangetekend schrijven,mail zijn klacht te doen toekomen bij de bevoegde instantie.
B.5.I.1In gevallen van heerkracht zoals het uitvallen van elektriciteit, brand, zware storm, een ernstig ongeval of een sterfgeval tijdens een wedstrijd, mag deze worden onderbroken.
B.5.I.2De wedstrijd moet worden hernomen indien de onderbreking maximum 30 minuten duurt.
B.5.I.3In geval van definitieve onderbreking sturen beide ploegkapiteins onmiddellijk een gezamenlijk verslag met vermelding van de reden van de onderbreking en de uitslag van de reeds gespeelde games naar de competitieverantwoordelijke, die beslist wat verder moet gebeuren.
B.5.I.4In elk geval dient een onderbroken wedstrijd zo vlug mogelijk te worden voleindigd.
B.6.A.1 Een ploeg die meer dan vijf games in een wedstrijd wint, krijgt 2 punten voor de rangschikking, de andere ploeg krijgt geen punten. Indien elke ploeg vijf games wint, krijgt elke ploeg 1 punt.
B.6.A.2 Bij het opmaken van de rangschikking wordt achtereenvolgens rekening gehouden met:
het aantal wedstrijdpunten
het aantal gewonnen wedstrijden
het aantal gewonnen games
B.6.A.3 Nochtans, indien na de laatste wedstrijd van het seizoen, het aantal gewonnen punten en gewonnen wedstrijden gelijk is voor ploegen die in aanmerking komen voor de titel of voor het stijgen en dalen, zijn de gewonnen games niet meer van tel, maar worden wel de onderlinge uitslagen tussen die ploegen in aanmerking genomen.
B.6.A.4 Indien dan nog gelijkheid wordt vastgesteld, moeten de verantwoordelijke organisatoren binnen de 30 dagen na de laatste competitiedag een testwedstrijd organiseren om uitsluitsel te brengen.
B.6.B.1 Elke ploeg uit elke reeks zal in elk geval een trofee ontvangen.
B.6.B.2 De verantwoordelijke organisatoren kunnen bijkomende trofeeën voorzien voor bijkomende rangkings, maar zijn hiertoe niet verplicht.
B.6.B.3 De verantwoordelijke organisatoren mogen, buiten de trofeeën, gelijk welke andere prijzen voorzien.
B.7.A Forfaits
B.7.A.1 Een ploeg die niet met minimum drie spelers kan aantreden, verliest alle games van de wedstrijd met forfait en de totale wedstrijd met 10-0.
B.7.A.2 Een ploeg die in de loop van hetzelfde competitieseizoen 3 maal met minder dan drie spelers aantreedt, wordt met “algemeen forfait” bestraft en uit competitie genomen.
In dat geval worden al de reeds gespeelde wedstrijden als nooit gespeeld beschouwd en wordt de ploegenrangschikking en de individuele rangschikking in die zin aangepast.
B.7.A.3 Wanneer een ploeg forfait geeft voor één van de laatste twee wedstrijden van het seizoen, zonder dat zij zich kan beroepen op een geval van heerkracht, degradeert die ploeg automatisch één reeks eender op welke plaats ze zich in de rangschikking bevindt.
Indien de ploeg in kwestie bovendien gezien haar rangschikking toch reeds zou degraderen,daalt zij nogmaals naar de volgende lagere reeks.
B.1.A.1 De Beker van Vlaanderen wordt elk seizoen georganiseerd door de Raad van Bestuur van de V.V.D.F. VZW .Elke aangesloten club mag zoveel ploegen inschrijven als ze wil,met enkel eigen leden.Inschrijfformulier aanvragen op het nationaal secretariaat.Inschrijfgeld wordt elk jaar bepaald.
B.1.A.2 De ploegen dienen zich zelf in te schrijven.
B.1.A.3 De mogelijkheid bestaat een Beker van Vlaanderen voor damesploegen te organiseren, indien aan dezelfde voorwaarden wordt voldaan. In dat geval wordt eveneens de hierna volgende reglementering volledig overgenomen.
B.1.B.1 De Beker van Vlaanderen wordt gespeeld volgens het systeem van rechtstreekse uitschakeling.
B.1.B.2 De Beker van Vlaanderen wordt gespeeld naar “best of 5 legs” en volgens het normale systeem van de competitie (zie wedstrijdreglementen deel B.5).
B.1.B.3 Indien na het beëindigen van een wedstrijd een gelijke stand werd bereikt, dient een beslissingsronde, “captain’s choice” genaamd, gespeeld. Die bestaat uit drie games, namelijk 1 enkelspel, 1 dubbelspel en opnieuw 1 enkelspel, in die volgorde.
Voor deze beslissingsronde dient elke ploeg vier verschillende spelers op te stellen. Die worden in één keer, en op een afzonderlijk wedstrijdblad, door de kapiteins ingevuld.
B.1.B.4 De thuisploeg stuurt, uiterlijk drie werkdagen na de wedstrijd, zijn wedstrijdblad naar het opgegeven adres van de verantwoordelijke organisator.De wedstrijden gaan in een zaal door.
B.1.C.1 Voor de samenstelling van de ploegen gelden dezelfde bepalingen inzake lidmaatschap evenals de binding aan een ploeg binnen de club .
B.2.D.1 De Raad van Bestuur van de V.V.D.F. VZW bepaalt elk seizoen het aantal deelnemers per provincie voor de Vlaamse eindronde, in verhouding met het aantal ploegen dat in het voorgaande seizoen aan de competitie in de betrokken provincies heeft deelgenomen.
B.2.D.2 De P.C.’s melden schriftelijk de provinciaal geselecteerde ploegen aan de nationaal verantwoordelijke organisator binnen de 14 dagen na het einde van de laatste kwalificatie-wedstrijden samen met de individuele samenstelling van de deelnemende ploegen.
De eerste vier van de Vlaamse en Waalse Beker strijden voor de nationale beker.
B.1.E.1 Het P.C. houdt een eenmalige loting, op zodanige wijze dat een wedstrijdschema met 1-2-4-8-16-32-64-128-256 ploegen ontstaat, eventueel met “bye’s”.
B.1.E.2 Het thuisvoordeel voor de eerste ronde wordt bepaald op basis van de afdeling waarin een ploeg op het ogenblik van de loting is ingedeeld. De ploeg die in een lagere afdeling optreedt, geniet automatisch het thuisvoordeel. Indien beide ploegen in een even hoge afdeling uitkomen, beslist het lot over het thuisvoordeel.
B.1.E.3 Vanaf de tweede ronde geschiedt de bepaling van het thuisvoordeel als volgt:
ploeg A won op verplaatsing ploeg B won thuis thuisvoordeel ploeg A
ploeg A won thuis ploeg B won op verplaatsing thuisvoordeel ploeg B
ploeg A won thuis ploeg B won thuis loting bepaalt thuisvoordeel
ploeg A won op verplaatsing ploeg B won op verplaatsing loting bepaalt thuisvoordeel
ploeg A won thuis ploeg B was “bye” thuisvoordeel ploeg B
ploeg A won op verplaatsing ploeg B was “bye” thuisvoordeel ploeg A beide ploegen waren “bye” loting bepaalt thuisvoordeel
B.1.E.4 De loting en het thuisvoordeel in de nationale eindronde worden op dezelfde basis bepaald.
B.1.F.1 Eventuele klachten dienen op het wedstrijdformulier te worden vermeld of per aangetekend schrijven binnen de drie werkdagen aan de verantwoordelijke organisator te worden gestuurd.
B.1.F.2 De verantwoordelijke beslist in eerste instantie autonoom inzake een klacht en brengt de beslissing op eender welke wijze ter kennis van de betrokkene(n).
B.1.F.3 Beroep moet binnen de drie dagen kenbaar worden gemaakt aan de verantwoordelijke.
B.1.F.4 Beroep tegen deze beslissing in verband met de provinciale ronde moet binnen de acht dagen worden behandeld worden door de P.A.C.’s tijdens een zitting waarop beide ploegen worden uitgenodigd, en in elk geval voor het bepalen van de volgende ronde.
De zitting van het P.A.C. is geldig, ook al is één van de beide betrokken partijen niet aanwezig.
B.1.F.5 Beroep tegen een beslissing in verband met de nationale eindronde moet, binnen de drie werkdagen na kennisname van de beslissing, per aangetekend schrijven, worden gericht aan de secretaris van de V.B.C., die de beslissing behandelt tijdens een zitting waarop de betrokkenen worden uitgenodigd en in elk geval voor het bepalen van de volgende ronde.
De beslissing van de V.B.C. is geldig, ook al is een van de betrokken partijen afwezig.
B.1.F.6 Tegen de beslissingen van respectievelijk de P.A.C. en van de V.B.C. in verband met de beker is, in verband met de hoogdringendheid, geen beroep mogelijk.
B.2.A.1 In elk geval worden trofeeën voorzien voor de halve-finalisten en de finalisten.
B.5.A.1 Geeft een ploeg forfait dan ,worden alle andere matchen ,door die ploeg gespeeld als forfait beschouwd.
B.4.A.1 De provinciale Beker wordt georganiseerd door het P.C. en moet gespeeld worden tussen 1 januari en 30 juni van het zelfde jaar.
B.4.A.2 In principe mogen de organisatoren hun eigen reglement uitwerken. Wanneer er discussie is in verband met de reglementen, kunnen de reglementen van de Beker van Vlaanderen de doorslag geven.
C.1 ALGEMENE BEPALINGEN
C.1.A.1 Dit reglement is van toepassing op alle tornooien die door de Vrije Vlaamse Darts Federatie vzw of door een van haar instanties worden georganiseerd of erkend.
C.1.A.2 Aan de in dit reglement bedoelde tornooien kunnen spelers deelnemen aan wie het recht tot deelname niet werd ontzegd door de V.V.D.F. VZW, door de World Darts Federation of door gelijk welke door de V.V.D.F. VZW erkende instantie.
C.1.A.3 Volgende categorieën van wedstrijden kunnen worden georganiseerd: A1, A2, A en B.
C.1.A.4 De tornooien A1 en A zijn de wedstrijden die door de Raad van Bestuur worden georganiseerd, de tornooien A2 en B kunnen door gewesten of clubs of eventueel door de Raad van Bestuur worden georganiseerd.
De Raad van Bestuur kan eventueel de organisatie van een A1-wedstrijd overdragen aan een andere V.V.D.F. VZW-instantie.
C.1.A.5 Binnen de categorie A1 en A worden eventueel volgende wedstrijden georganiseerd:
C.1.A.6 De Raad van Bestuur kan steeds beslissen of die A1- en A-wedstrijden worden georganiseerd of niet en bepaalt eveneens de data.
C.1.B.1 Het aanvangsuur van een A1-tornooi wordt voor ieder tornooi afzonderlijk bepaald door de Raad van Bestuur.
C.1.B.2 Het aanvangsuur van een A2-tornooi en een B-tornooi wordt bepaald op 13 uur.
Afwijkingen hierop dienen schriftelijk aangevraagd.
C.1.C.1 Binnen elk tornooi, en volgens de bestaande bepalingen in het hierna volgend reglement, kunnen wedstrijden worden georganiseerd voor heren, dames, juniores jongens, juniores meisjes en aspiranten jongens (tot 13 jaar op de dag van het tornooi).
C.1.C.2 Juniores kunnen in hun categorie deelnemen en kunnen zich tegelijkertijd inschrijven bij de seniores. Aspiranten kunnen, mits een speciale toelating van de Raad van Bestuur, deelnemen aan de juniores-reeks. Nochtans zijn zij verplicht in de eerste plaats in hun eigen leeftijdreeks deel te nemen.
C.1.C.3 De leeftijd van de juniores is gelijk aan de leeftijd die voorzien is in de V.V..D.F.-reglementen
Momenteel is die leeftijd vastgesteld op maximum 18 jaar (op de dag van het tornooi).
C.1.C.4 Juniores die meespelen bij de seniores, krijgen de veroverde ranking-punten bij de heren of dames en worden opgenomen in de ranking.
Aspiranten die deelnemen aan de juniores-reeks, krijgen de veroverde ranking-punten toegekend bij de juniores en worden opgenomen in de ranking.
C.1.D Aantal tornooien en toewijzing
C.1.D.1 Het aantal tornooien binnen elke categorie, evenals de categorie waartoe een bepaald tornooi behoort, worden bepaald door de Raad van Bestuur.
C.1.D.2 De toewijzing van een tornooi aan een bepaalde instantie houdt in dat die instantie zich houdt aan de bestaande voorwaarden voor het geven van een tornooi, die steeds bij de aanvang van het nieuwe seizoen worden bekend gemaakt.
Indien een organisator zich niet houdt aan alle voorschriften, wordt hem het recht ontzegd in de toekomst een V.V.D.F. VZW-tornooi te organiseren.
C.1.D.3 Tornooien dienen op de vastgestelde datum vooraf op het daarvoor bestemde formulier te worden aangevraagd, bij de daarvoor aangeduide verantwoordelijke.De wijze van aanvragen wordt ook via de website en het dartsmagazine meegedeeld.
C.1.D.4 Voor een officieel V.V.D.F. VZW-tornooi moeten minstens 12 standen worden voorzien.
C.1.D.5 Tornooien mogen zowel op zaterdag als zondag als feestdagen worden gespeeld en eventueel uitzonderlijk op andere tijdstippen, waarover de Raad van Bestuur beslist.
C.1.E.1 Een tornooi moet altijd plaats vinden, wat ook het aantal ingeschreven spelers is.
C.1.E.2 De wedstrijdleiding moet steeds in handen zijn van een bij de V.V.D.F. VZW aangesloten persoon.Leden van de Raad van Bestuur of door die Raad aangeduide personen kunnen steeds ingrijpen in de loop van een tornooi.
C.1.F.1 Behalve bij tornooien op uitnodiging en indien anders voorzien, kunnen spelers steeds ter plaatse intekenen op de dag van het tornooi tot 15 minuten voor de wedstrijd.
C.1.G.1 De loting gebeurt in het openbaar en op zodanige wijze dat een wedstrijdschema met 1-2-4-8-16-32-64-128-256-512-1024 … spelers ontstaat.
C.1.G.2 “Seeding,” het vooraf plaatsen van spelers in het wedstrijdschema, wordt niet toegelaten.
C.1.H.1 De wedstrijden worden, tenzij anders bepaald, over het volgende aantal legs betwist:
Heren Dames/juniores Aspiranten
Tot voor de kwart-finale best of 5 .
Kwart-finales en halve-finales best of 7 of 5 best of 5.
Finale best of 9, best of 7 best of 5.
Bij de aspiranten worden eerst voorronden in poulevorm afgewerkt in best of 5 legs.
C.1.H.2 Er wordt naar de BULL gegooid,om te bepalen wie begint.De eerste op het blad vermeldt gooit eerst.
C.1.H.3 Indien naar een aantal legs wordt gespeeld, zal, bij gelijkheid in de stand voor de beslissende leg, de “tie-breaker-rule” worden toegepast. De speler die de opgooi won, werpt eerst naar de bull , dan de tweede speler. In geval geen onderscheid kan worden gemaakt, werpt de tweede speler bij de tweede beurt als eerste. Wie dichtst bij de bull werpt, mag aanvangen in de beslissende leg.
Indien in sets wordt gespeeld en de stand gelijk is voor aanvang van de beslissende set, wordt voor aanvang van die set op dezelfde manier beslist wie mag starten in die laatste set.
C.1.H.4 Na de wedstrijd meldt de winnaar de uitslag aan de hoofdscheidsrechter en is die winnaar alleen verantwoordelijk voor de juistheid ervan.
C.1.H.5 Het verkeerd melden van de uitslag ,moet worden gecorrigeerd.
C.1.I.1 Tijdens de eerste wedstrijden van een tornooi wordt beroep gedaan op vrijwillige scheidsrechters. Indien er niet voldoende worden gevonden, hebben de organisatoren het recht gelijk welke speler als scheidsrechter aan te duiden.
C.1.I.2 Vervolgens zijn het de winnaars die als scheidsrechter fungeren voor de volgende wedstrijd.Van zodra men aan de “geldronde”komt,zijn het de verliezers. Indien een speler om eender welke reden niet als scheidsrechter kan optreden, is het zijn verantwoordelijkheid om zelf een vervanger te zoeken.
C.1.I.3 Een speler die de verplichting om als scheidsrechter op te treden, niet nakomt, verliest het recht op ranking-punten, prijzengeld en trofeeën. Bij een tweede overtreding worden automatisch 100 ranking-punten afgetrokken. Bij een derde overtreding wordt de speler,geschorst voor alle tornooien in zijn provincie.Indien die mogelijkheid niet bestaat,doorverwijzing naar het P.A.C.
C.1.J.1 Is slechts verplicht,als het vooraf aangekondigd wordt.
C.1.J.2 Aan het spelbord mag geen alcoholische drank worden verbruikt op straf van uitsluiting uit de wedstrijd.
C.1.J.3 Juniores en aspiranten mogen totaal geen alcoholische drank verbruiken in de loop van een tornooi op straf van uitsluiting uit de wedstrijd.
C.1.K.1 Het minimum prijzengeld en de verdeling ervan wordt jaarlijks voor alle tornooien bepaald door de Raad van Bestuur.
C.1.K.2 Het staat de organisatoren vrij een hoger bedrag te voorzien dan het minimum of een hoger aantal prijzen uit te keren, maar de laagste prijs moet minimum zo hoog zijn als het inschrijvingsgeld.
C.1.K.3 Voor de seniores mag bij elk tornooi minstens 1 trofee worden voorzien voor de winnaar, meer is steeds toegelaten. Voor de juniores en aspiranten moeten minstens 2 trofeeën worden voorzien.
C.1.L.1 Opmaken van aankondigingen en affiches mag enkel gebeuren na officiële toelating voor het tornooi vanwege de V.V.D.F. VZW
C.1.L.2 Op alle aankondigingen en affiches van elk door de V.V.D.F. VZW erkend tornooi dienen minstens volgende vermeldingen voor te komen:
C.1.L.3 Indien niet aan alle voorwaarden is voldaan, kan de Raad van Bestuur zonder meer de erkenning van het tornooi en de daaraan verbonden ranking-punten intrekken.
C.1.L.4 Indien een club of gewest van de V.V.D.F. VZW een tornooi organiseert en aankondigt of laat uitschijnen dat het tornooi door de V.V.D.F. VZW is erkend en er punten worden toegekend voor de ranking van de V.V.D.F. VZW of de B.D.F. zonder dat zulks het geval is, zal die club of dat gewest het recht worden ontzegd om een door de V.V.D.F. VZW erkend tornooi te organiseren tijdens een bepaalde periode waarvan de lengte bepaald wordt door de Raad van Bestuur.
C.2. VLAAMS OPEN KAMPIOENSCHAP INDIVIDUEEL
C.2.A Algemeen
C.2.A.1 Het VLAAMS Open Kampioenschap individueel is een A1-tornooi voor heren, dames en juniores waaraan zowel V.V.D.F. VZW-leden als niet-leden kunnen deelnemen.
C.2.A.2 Tijdens dit tornooi kunnen de spelers punten behalen voor de ranking van de V.V.D.F. VZW en eventueel vooraf aangekondigde andere rankings, volgens een puntenverdeling die uitsluitend onder de bevoegdheid van de organisatie zelf valt.
C.2.B.1 Het prijzengeld en de verdeling ervan, evenals het intekengeld, worden jaarlijks door de Raad van Bestuur bepaald.
C.3 VLAAMS OPEN KAMPIOENSCHAP PER TWEE
C.3.A. Algemeen
C.3.A.1 Het Vlaams Open Kampioenschap per twee is een A-tornooi voor heren, dames en eventueel gemengd, waaraan zowel V.V.D.F. VZW-leden als niet-leden mogen deelnemen.
C.3.B.1 Het prijzengeld en de verdeling ervan, evenals het intekengeld, worden jaarlijks door de Raad van Bestuur bepaald.
C.3.B.2 De Raad van Bestuur beslist over de speelwijze voor dit tornooi.
C.3.B.3 Elke leg begint vanaf 701.
C.4 VLAAMS KAMPIOENSCHAP INDIVIDUEEL
C.4.A Algemeen
C.4.A.1 Het VLAAMS Kampioenschap individueel is een gesloten A1-tornooi voor heren, dames, juniores jongens, juniores meisjes en aspiranten die lid zijn van de V.V.D.F. VZW
C.4.A.2 Nochtans mogen spelers of speelsters met een andere dan de Belgische nationaliteit niet deelnemen, zelfs als zij lid zijn van de V.V.D.F. VZW.Behalve als ze en gewettigd verblijf kunnen aantonen.Zoals bepaald in Deontologische code ter bestrijding van de mensenhandel,punt 2.
C.4.A.3 Juniores mogen deelnemen bij de heren of de dames en krijgen de ranking-punten bij de seniores toegekend. Aspiranten mogen deelnemen bij de juniores en krijgen de veroverde ranking-punten in de juniores-ranking toegekend.
C.4.B Speelwijze
C.4.B.1 Het tornooi verloopt volgens de algemene bepalingen van de tornooien.
C.5.A Algemeen
C.5.A.1 Het Belgisch Kampioenschap per twee is een A-tornooi voor heren en dames die V.V.D.F. VZW-lid zijn .
C.5.A.2 Nochtans mogen spelers of speelsters met een andere dan de Belgische nationaliteit niet deelnemen, zelfs als zij lid zijn van de V.V.D.F. VZW . Behalve als ze en gewettigd verblijf kunnen aantonen.Zoals bepaald in Deontologische code ter bestrijding van de mensenhandel,punt 2.
C.5.A.3 Juniores mogen deelnemen bij de heren of de dames en krijgen ook de ranking-punten bij de seniores toegekend.
C.5.B.1 Het tornooi verloopt volgens de algemene bepalingen voor de tornooien.
C.5.B.2 Er worden drie reeksen betwist: heren koppel , dames koppel en gemengd koppel.
C.5.B.3 Elke leg begint vanaf 701.
C.6.A.1 Het VLAAMS Kampioenschap per vier is een tornooi voor ploegen van 4 personen die lid moeten zijn van de V.V.D.F. VZW .Dit gaat door in een zaal.
C.6.A.2 Er zijn twee mogelijkheden om deze titel te betwisten: ofwel met spelers die zijn aangesloten bij dezelfde club ,ofwel met ploegen die gevormd zijn door de P.C’s met individuele spelers uit dezelfde provincie.
C.6.A.3 Er zijn in geen geval ranking-punten aan dit kampioenschap verbonden.
C.6.A.4 De Raad van Bestuur beslist of eventueel een aparte reeks voor heren en dames wordt georganiseerd. Dames en heren,mogen altijd samen in dezelfde ploeg aantreden.
C.6.B.1 De vier spelers die in het begin van het kampioenschap op het wedstrijdblad worden vermeld, mogen in de loop van het tornooi niet worden gewijzigd.
C.6.C.1 Elke wedstrijd bestaat uit drie onderdelen, achtereenvolgens drie “games” enkelspel, daarna één “game” koppel en opnieuw drie “games” enkelspel, in totaal dus zeven “games”.
C.6.C.2 De ploegkapitein, zelf een van de vier leden van het team, moet de namen voor de zeven games van elke wedstrijd in één keer invullen op het wedstrijdblad.
C.6.C.3 Elke speler moet twee keer per wedstrijd worden opgesteld, en niet meer dan drie keer.
C.6.C.4 Alle games worden gespeeld naar “best of 3”.
C.6.C.5 Elke leg vangt aan vanaf 501, inclusief het koppel.
T;6.C.6 Een wedstrijd wordt beëindigd zodra een van beide ploegen vier games heeft gewonnen.
C.7.A.1. De VLAAMSE Beker individueel is een A1-tornooi voor heren, dames, juniores jongens, juniores meisjes en aspiranten die lid zijn van de V.V.D.F. VZW
C.7.A.2 Nochtans mogen spelers of speelsters met een andere dan de Belgische nationaliteit deelnemen, als zij lid zijn van de V.V.D.F. VZW
C.7.B.1 Behalve de finale heren, worden alle wedstrijden voor de VLAAMSE Beker gespeeld naar”best of 3 sets” en elke set naar “best of 3 legs”.
C.7.B.2 De finale bij de heren wordt gespeeld naar “best of 3 sets” en elke set naar “best of 5 legs”.
C.8.A Algemeen
C.7.A.1 De Vlaamse Beker per twee is een A-tornooi voor heren en dames die lid zijn van de V.V.D.F. VZW
C.7.A.2 Juniores mogen deelnemen bij de heren of de dames en krijgen ook de ranking-punten bij de seniores toegekend.
C.7.B.1 Er worden drie reeksen betwist: heren koppel, dames koppel en gemengd koppel.
C.7.B.2 Behalve de finale heren, worden alle wedstrijden gespeeld naar “best of 3 sets” en elke set naar “best of 3 legs”
C.7.B.3 De finale bij de heren wordt gespeeld naar “best of 3 sets” en elke set naar “best of 5 legs”.
C.7.B.4 Elke leg begint vanaf 701.
C.9 FLEMISH MASTERS
C.9.A Algemeen
C.9.A.1 De FLEMISH Masters is een tornooi dat georganiseerd wordt door de Raad van Bestuur, met deelname van speelsters en spelers die worden uitgenodigd en gratis mogen deelnemen.De eersten van de ranking dus.Het aantal wordt elk jaar apart bepaald.
C.9.A.2 Aan de FLEMISH Masters zijn geen ranking-punten verbonden.
C.9.A.3 Het prijsgeld wordt elk jaar bepaald.
C.9.B.1 De Raad van Bestuur bepaalt hoeveel speelsters en spelers per reeks worden uitgenodigd en volgens welke criteria.
C.9.B.2 De spelers worden, in volgorde van de ranking , per brief uitgenodigd.
C.9.B.3 Spelers die vooraf afzeggen of afwezig blijven, worden niet vervangen door de opvolgers in de nationale ranking.
C.9.B.4 Spelers die tijdens het tornooi vroegtijdig hun deelname staken of andere verplichtingen niet nakomen, worden van deelname aan de volgende FLEMISH Masters uitgesloten.
C.9.B.5 De speelwijze wordt door de Raad van Bestuur bepaald in functie van het aantal deelnemers.
C.10 TORNOOIEN CATEGORIE A2
C.10.A Algemeen
C.10.A.1 De tornooien categorie A2 worden door de P.C.’s georganiseerd of kunnen aan een gewest of een club van een in de provincie gelegen gewest worden toevertrouwd.
C.10.A.2 Een A2-tornooi moet steeds worden georganiseerd binnen de grenzen van de provincie waarvoor het wordt georganiseerd.
C.10.A.3 De A2-tornooien zijn open voor zowel leden als niet-leden.
C.10.A.4 De A2-wedstrijden moeten verder voldoen aan de algemene voorwaarden voor de tornooien.
C.10.A.5 Voor de nationale ranking worden steeds hogere en vaste punten toegekend, wat ook het aantal deelnemers is.
C.11 TORNOOIEN CATEGORIE B
C.11.A Algemeen
C.11.A.1 Een B-tornooi kan worden georganiseerd door de Raad van Bestuur, een provinciale of gewestelijke afdeling of een club die aangesloten is bij de V.V.D.F. VZW
C.11.A.2 Een club kan slechts één tornooi per seizoen organiseren.
C.11.A.3 Clubs die een B-tornooi organiseren, dienen dat te doen op een locatie binnen de grenzen van hun provincie. Afwijkingen dienen schriftelijk te worden aangevraagd.
C.11.A.4 De B-tornooien zijn open voor zowel leden als niet-leden.
C.11.A.5 De B-tornooien moeten verder voldoen aan de algemene voorwaarden voor de tornooien.
C.11.A.6 Voor de nationale ranking worden punten toegekend naargelang het aantal deelnemers in elke reeks apart.
C.12 PRIJZENGELD
C.12.A Algemeen
C.12.A.1 Voor alle V.V.D.F. VZW-tornooien is een prijzengeld van minimum 1.000 Euro voorzien.
C.12.A.2 Dat prijzengeld is verdeeld als volgt:
Heren Dames Jun.jongens Jun.meisjes
1e plaats 150 80 20 15
2e plaats 100 50 10 10
3e plaats 50 25 5
5e plaats 25 10
9e plaats 12 7
17e plaats 7
C.13 RANKING
C.13.A.1 De “ranking” is de officiële rangschikking van de speelsters en spelers volgens de punten die zij behaalden tijdens de door de Vrije Vlaamse Darts Federatie vzw . georganiseerde en erkende tornooien volgens het bij aanvang van het seizoen aangekondigde puntensysteem.
C.13.B.1 Punten voor de ranking kunnen uitsluitend toegekend worden aan spelers die op het ogenblik van hun deelname aan het tornooi, lid zijn van de V.V.D.F. VZW. In “open” wedstrijden mogen ook niet-leden deelnemen, maar alleen de leden kunnen de voorziene punten veroveren.
C.13.B.2 De ranking wordt afzonderlijk opgemaakt voor dames, heren, juniores meisjes, juniores jongens en aspiranten.
Juniores worden ook met de bij de seniores veroverde ranking-punten, opgenomen in de seniores-ranking. Aspiranten worden opgenomen in de juniores-ranking met de ranking-punten die zij veroveren bij de juniores.
C.13.B.3 Voor de ranking komen alle officiële V.V.D.F. VZW-tornooien in aanmerking en worden alle resultaten opgeteld.
C.13.B.4 De ranking wordt, voor de nationale selecties, wordt voor aanvang van het seizoen duidelijk bepaald.
C.13.B.5 De selecties worden vier weken vanop voorhand gemaakt,na het laatste tornooi dat vier weken plaatsvind,voor een internationale deelname of uitzending van de Belgische of Vlaamse ploeg.
C.13.B.5 Voor de ranking van de Vlaamse Masters telt het jaartotaal.
C.13.B.6 Spelers die internationaal punten halen worden,tellen hun punten op bij de nationale ranking,als die behaald worden op data, dat een nationaal tornooi doorgaat.Bovendien wordt voor de Belgische spelers een internationale ranking ,door de Belgische Nationale Darts Federatie,opgemaakt.
C.13.C.1 In geval van gelijk puntenaantal, zullen eerst de punten die tijdens de A1-tornooien werden behaald, uitsluitsel brengen. Indien dan nog gelijkheid bestaat, worden de punten in de A2-tornooien in aanmerking genomen.
C.13.C.2 Verlies van ranking-punten is mogelijk als sanctie voor feiten tijdens een tornooi gepleegd, voor het niet fungeren als scheidsrechter e.a. Hierover beslist de P.A.C. van de speler in kwestie.
C.1.A.1 Goedkeuringsprocedure.
Polissen en contracten worden eerst door de Reglementen-commissie gelezen en goedgekeurd.Daarna wordt dit ter goedkeuring voorgelegd aan de AV ,dan pas wordt alles door de secretaris-generaal en voorzitter getekend.Te ingewikkelde contracten worden door een afzonderlijke bureau nagezien. Bij de ondertekening van een contract is het de rechtspersoon zelf,dus de vzw, en niet de ondertekenaar, die aansprakelijk is.
Bestaat uit minstens drie personen .Worden gekozen uit de ingediende kandidaturen.
Men kan in meerder commissie’s zetelen,als er niet voldoende kandidaten zijn, maar nooit in de tucht en beroepscommissie samen.
De Raad van Bestuur stelt de commissie’s samen,uit de ingediende kandidaturen.
De eerste 10 van de ranking,bij de dames en heren stellen de spelersraad samen uit de kandidaturen.
Algemene Nota.
De reglementen kunnen te allen tijde aangepast worden,door de reglementencommissie. Doch nadien moet alles doorgemaild worden naar BLOSO ,ter goedkeuring en kennisname.Opmerkingen en aanvragen ter verandering of verbetering mogen ten allen tijde doorgezonden worden naar de reglementencommissie.
Einde